SCHETSEN

ROKERS

Met vriendin A. naar de bloedprikkerij in de Dapperbuurt . Deze keer treffen we daar een zeer stugge, om niet te schrijven zeer onvriendelijke receptioniste. Maar goed, na die maandelijkse bloedprik gaan we meestal naar de markt om er koffie te drinken in één van de belendende cafés of bij mooi weer op het terras ervan. Zo ook nu, we strijken neer op het terras van café Het Dappertje, een naam waarover lang zal zijn nagedacht.

 

Uit de wind en in de zon is het daar warm te noemen, wat een jonge vrouw naast ons dan ook doet en door ons wordt beaamd. Toen we aankwamen zat ze er met een andere vrouw, maar die is het café ingegaan, waarschijnlijk even naar de wc.

 

Aan de tafel aan de andere kant van ons nemen twee mannen tegenover elkaar plaats: een grote en een kleine, degelijk gekleed, bejaard als wij. De grote getuigt van zijn aanwezigheid door op luide toon een grappig bedoelde vrouwonvriendelijke opmerking te maken en vervolgens de vrouw naast ons te laten weten dat die grap natuurlijk niet op haar sloeg, want met haar zou hij best door één deur kunnen.

 

‘Nou, dat weet ik nog zo net niet,’ reageert zij en richt zich daarbij meer tot mij dan tot hem.

‘Nee, daar heb ik ook mijn twijfels over,’ antwoord ik.

 

Maar de grote man luistert al niet meer, orerend tegen de kleine man over zijn gelijk in de wereld is die een sjekkie gaan draaien. En de kleine man haalt, met ongeïnteresseerde knikjes op het betoog van de grote reagerend, een pakje sigaretten te voorschijn. Het nadeel van het rookverbod in de horeca is, dat je nu als niet roker overal op terrassen met rokers zit opgescheept. Als de mannen hebben opgestoken, kringelt de rook van de naast vriendin A. zittende kleine man gestaag in haar gezicht.

 

Uiteindelijk zegt zij er iets van, door de gevolgen van haar herseninfarct ietwat kortaf. Daar komt heibel van, schiet er door me heen, maar de kleine man neemt het tamelijk goed op. Weliswaar vindt hij dat zij het anders en om onbegrijpelijke reden eerder had moeten zeggen, maar geen probleem, als mevrouw er last van heeft, maakt hij zijn sigaret uit.

 

En dat doet hij. Maar de grote man is het er niet mee eens, luid als eerder zijn vrouwonvriendelijke grap, verkondigt die nu dat ze het recht hebben daar te roken, dat de staat kapitalen aan belasting van de rokers opstrijkt en dat de kleine man zijn sigaret niet had moeten uitmaken.

 

‘Ach, we zijn niet alleen op de wereld,’ reageert die schouderophalend.

 

De grote man houdt echter voet bij stuk en krijgt lacherige steun van rokers elders op het terras terwijl de vrouwen naast ons - de tweede is inmiddels teruggekeerd - zich niet rokend afzijdig houden middels een gesprek.

 

‘Hij had die sigaret van mijn niet uit hoeven maken,’ zegt vriendin A. zacht, ‘als hij anders was gaan zitten, zou ik er waarschijnlijk geen last meer van hebben gehad.’

 

‘Je had beter zonder meer aan de andere kant van mij kunnen komen zitten,’ antwoord ik ook zacht, ‘ rokers voelen zich tegenwoordig in het nauw gedreven en worden daardoor nogal gauw kwaad.’

 

‘Maar die kleine reageerde toch wel goed,’ werpt zij tegen, ‘en dan had jij er last van gehad.’

 

‘Minder, dan had er een extra lege stoel tussen hem en ons gestaan.’

 

Al met al is het eerst zo vredige terras in de zon voor ons een vijandige plek geworden. Zwijgend gadegeslagen door de kleine en grote man stappen we daarom maar op. Domweg gelukkig in de Dapperstraat - het gedicht van Bloem staat er op een gevel - is voor ons even niet weggelegd.

 

 

Foto site Dappermarkt.

Schrijf een reactie: (Klik hier)

123website.nl
Tekens over: 160
OK Verzenden.
Bekijk alle reacties

Nieuwe reacties

21.09 | 18:09

Je ziet het zo voor je, 😀

...
21.09 | 16:11

Leuke observatie Coos!

...
22.09 | 19:28
HEELAL heeft ontvangen 5
22.09 | 19:27
Je vindt deze pagina leuk