SCHETSEN

GELUK

 

Een niet eens zo erg mooi stuk gracht, maar de herfstzon maakt alles mooi, het lijkt waarachtig wel of ik gelukkig ben.

 

Uit een café komen drie Aziatisch ogende en duidelijk dronken mannen. Twee jonge en een wat oudere. Alsof het nog volop zomer is, dragen de twee jonge mannen een mouwloos jack over hun voor de rest blote, erg gespiede en getatoeëerde bovenlichamen. Maar de oudere man is schriel, gekleed in een slobberig grijs kostuum, een vaal overhemd met een veterachtige stropdas en loopt op gloednieuwe sportschoenen die bij zijn ietwat aftandse kleding potsierlijk afsteken.

 

Eén van de jonge mannen botst, ondanks mijn pogingen hem te vermijden, door zijn verstoorde motoriek tegen me op, kijkt me met lodderige blik even verbaasd aan, grijnst dan vilein, slaat een arm om mijn nek en toont mij zo bijna wurgend aan de oudere man.

 

‘Leuk toch,’ roept hij met een dikke tong en een alcoholwalm, ‘ zeg tegen pappa dat je het leuk vindt!’

 

Daar ben ik door zijn wurggreep niet toe in staat, maar ik slaag er wel in vergoelijkend naar de oudere man te grinniken. Waarop die de resten van een gelig gebit bloot grijnst en met een eveneens dikke tong laat weten dat ik het volgens hem leuk vind.

 

‘Hij vindt het leuk, hij vindt het leuk!’ bralt dan de andere jonge man en barst in een luid lachen uit dat overgaat in een hartgrondige hoestbui. Ook de anderen moeten lachen, en kennelijk tevreden over het resultaat van zijn actie laat mijn belager los, waarna ik met een pijnlijke nek opgelucht achteruit deins.

 

Het drietal lijkt me op slag vergeten, zwalkt lallend voor me uit. Bang echter opnieuw hun aandacht te trekken, durf ik ze niet voorbij te gaan, probeer ik ze kwijt te raken door erg langzaam te lopen. Maar dat doen zij ook, en op een gegeven moment beginnen de jonge mannen voor de grap met elkaar te boksen, wat menens dreigt te worden doordat ze elkaar in hun dronkenschap een paar maal stevig raken. Maar als de oudere man ze knorrig gebiedt op te houden, gehoorzamen ze onmiddellijk.

 

Door een zijstraat in te slaan weet ik, een paar maal schichtig omkijkend of ze niet volgen, uiteindelijk te ontkomen. De lange smalle straat waarin ik dan loop, ligt in de schaduw en vangt waarschijnlijk bijna nooit zon. Met een nog pijnlijke nek, herinner ik er mij een vermoeden van geluk.

 

Schrijf een reactie: (Klik hier)

123website.nl
Tekens over: 160
OK Verzenden.
Bekijk alle reacties

Nieuwe reacties

22.06 | 16:31

het onttorrt me Coos

...
30.06 | 14:37
KORT DOOR DE BOCHT heeft ontvangen 4
26.06 | 16:38
LIEFDESLIED/ VOLDOENDE heeft ontvangen 4
16.06 | 17:37
POËZIE heeft ontvangen 9
Je vindt deze pagina leuk