SCHETSEN

BILDERDIJKPARK

 

Ooit was het begraafplaats De Liefde, behorend bij een gelijknamige kerk die aan de overkant stond. Nu is het een aardig parkje en het voormalige lijkhuisje een aantrekkelijke uitspanning met een terras. Maar ik strijk neer op een bank, hoewel het daar eigenlijk al te kil voor is, en staar voor me uit naar de drukke Bilderdijkstraat.

 

Plotseling zit er een heer naast me. Ik heb hem niet zien aankomen. Een welvarende verschijning van ongeveer mijn leeftijd. We kijken elkaar onderzoekend aan: osm?

 

‘U geniet,’ stelt hij met iets beschuldigends vast.

‘Ach, ik zit gewoon lekker.’

‘Maar de stad ontvlucht.’

‘Dit park hoort ook bij de stad.’

‘Helaas wel.’

‘Helaas?’

‘Ja, of behoort u tot degenen die deze afschuwelijke stad tegen beter weten in blijven verdedigen?’

‘Och…’

‘Maar meneer, het is hier toch verschrikkelijk, neem nou het verkeer, men stoort zich aan god noch gebod, stoplichten, zebra- en voetpaden, ze tellen niet. De fietsers en scooterrijders zijn nog het ergste, erger dan automobilisten, om van de voetgangers maar te zwijgen. Het liefst rijden of lopen ze je met een telefoon aan het oor omver. En als je er iets van zegt, kan je een knal voor je harses krijgen. Maar zelf schijnen ze zoiets als een beschemengel te hebben, want als ze telefonerend - vaak zelfs met een klein kind achterop - zonder op of om te kijken een kruispunt oversteken, het liefst na eerst een roodlicht te hebben genegeerd, komen ze er meestal op wonderbaarlijke wijze zonder kleerscheuren van af. Als wij dat zouden doen, was onze bestemming ongetwijfeld het ziekenhuis of het graf. En dan heb ik het alleen nog maar over het verkeer. Het is toch geen wonder dat de meeste echte Amsterdammers gevlucht zijn naar de voorsteden.

‘Dat heeft natuurlijk ook met de woningnood hier te maken,’ werp ik voorzichtig tegen.

‘Precies meneer, de sociale huurwoningen worden massaal opgeknapt en verkocht aan juppen van buiten Amsterdam, die het hier te gek vinden maar ondertussen de stad wel verpesten met hun Amsterdammertje spelen. Nou, ze zullen er achter komen, over een paar jaar zullen ze, zogenaamd voor de kinderen, de stad massaal ontvluchten die ze zelf hebben verpest.’

‘Zijn zij daar dan volgens u alleen verantwoordelijk voor?’

‘Nee meneer, niet zij alleen natuurlijk, ook het criminele schorem uit de buitenwijken en de toeristen!

‘De toeristen?’

‘Ja meneer, de toeristen, het centrum lijdt aan een verschrikkelijke toeristenvervuiling. Uit de hele wereld komen ze af op een leugen, een pretpark, een placebo, en maken de toestand daardoor nog erger. Maar terwijl ze bij bosjes opgelicht en beroofd worden, blijven ze in de leugen geloven. Al is de waarheid nog zo snel, de leugen achterhaalt haar wel; om een oud spreekwoord maar eens om te draaien.’

 

Hij kijkt me met een om bevestiging vragende blik aan.

 

‘Tja,’ probeer ik me eruit te draaien, ‘wat u zegt is op zichzelf natuurlijk niet geheel onjuist.’

‘Maar u ziet ook lichtpuntjes?’

‘Waarom zou je die niet zien?’

“Nou meneer, laat ik u vertellen, lichtpuntjes zijn er ook in een leprozenkolonie.’

 

Ik schiet in de lach. Verontwaardigd draait hij zich af, wat me niet onwelgevallig is. In de hoop dat het onderhoud ten einde is gekomen, staar ik weer naar de Bilderdijkstraat.

 

Het blijft inderdaad stil naast me. Behoedzaam kijk ik na een tijdje opzij. De heer blijkt er niet meer te zitten. Heeft hij er eigenlijk wel gezeten?

Schrijf een reactie: (Klik hier)

123website.nl
Tekens over: 160
OK Verzenden.
Bekijk alle reacties

Nieuwe reacties

01.12 | 14:24
DUBBELGANGERS heeft ontvangen 4
30.11 | 15:41
27.11 | 15:42
VOOR WIE HOREN WIL heeft ontvangen 4
18.11 | 19:20
JAS heeft ontvangen 4
Je vindt deze pagina leuk