GEDICHTEN

 

In de gang een rek met modelautootjes,

op de onderste plank de Dinky Toys

waarmee je vroeger speelde,

meer dan tachtig autootjes

terwijl je nooit een auto,

nooit een rijbewijs had.

 

Op een prikbord foto’s van steden

en doden die nog voor je leven:

zangers, dichters, schrijvers, filosofen,

een tante toen zij negentig was,

je moeder toen zij achttien was,

je lijkt op haar.

 

In de woonkamer fotografeert de namiddagzon

de rotaprints van Veldhoen, tikt een slingerklok,

de slingerklok, jouw slingerklok, en slaat vijf keer,

niet minder en niet meer.

 

 

© Coos de Goede 2021

 

Voor Aleksej Navalny

 

In zijn ijspaleis kan de verschrikkelijke sneeuwman

geen warmte toestaan, wie daarvan in zijn omgeving ook maar iets

uitstraalt, wordt met een grimlach bevroren.

 

In zijn rijk is vrijheid ongeacht de temperatuur ondergesneeuwd,

zijn burgers sneeuwpoppen die als ze tot leven komen de kans lopen

in strafovens te worden gesmolten, waarna van hun plas zal worden

beweerd dat het geen water is maar pis.

 

© Coos de Goede 2021

 

- Dus jij vindt dat ik je nooit eens gelijk geef?

- Nee, dat zit kennelijk niet in je karakter.

- Nou, daar heb je dan gelijk in.

 

© Coos de Goede 2021

 

Op de bank ligt zij op haar buik

over hem heen, slaapt misschien,

hun kruizen kruisen elkaar gekleed,

op de tafel nog een paar oliebollen

in een schaal en de kerstboom mag tot

Driekoningen blijven staan, op haar kont

een boek waarin hij rozig leest, een jaar

is nog maar net begonnen en geweest.

 

© Coos de Goede -2021

 

Een vroeg donkere, natuurlijk, winderige decemberavond,

tot kerstboom gedecoreerde dennenbomen in voortuinen

waarachter vensters kamers tonen die niet verbergen,

zeker niet de weinige boeken of  het ontbreken daarvan,

noch de onrustig flikerende tv - of computerschermen,

niet de kunstsch aan de wanden en de kerstversierlichting,

noch de bewoners, al dan niet in vrede op aarde, doorsnee,

niets mis mee, behalve dan voor de eenzame wandelaar die

eraan voorbijgaat en zich vertwijfeld afvraagt: mijn god,

waartoe dit alles toch?

 

© Coos de Goede 2020